Erfgoed Leiden en omstreken

Info

Verhaal: Eerste steen door Mertina Grupstra

  • Genealogie
  • Leiden
  • Geschiedenis 1901-1950
  • Gebouwen

Janvossensteeg 35 (zijgevel Clarensteeg)

Wie wel eens door de Janvossensteeg heeft geslenterd, zal het wellicht zijn opgevallen hoeveel ondergevels het uiterlijk hebben van een winkelpui. De Janvossensteeg was eens een van de belangrijkste winkelstraten van Leiden. In het voormalige winkelpand Janvossensteeg No 35 op de hoek bij de Clarensteeg (vroeger ook wel Clarasteeg geheten) zit laag bij de grond een gevelsteen met de tekst:

DE EERSTE STEEN GELEGD
DOOR
MERTINA C.L. GRUPSTRA
OUD 2 JAAR
23 MAART 1900

...
GT_2173 - Janvossensteeg 35 hoek Clarensteeg


Tegenwoordig is dit perceel in gebruik als studentenhuis “Palmzicht”. De naam is afgeleid van de firma Gebr. Palm, die daar tegenover een handel in lompen, papier en oude metalen had.
De familienaam Grupstra is van Friese afkomst en enig speurwerk naar de persoon die zich destijds in Leiden heeft gevestigd, levert de naam Bruin Grupstra op, koopman. Hij was een zoon van Luitzen Bruins Grupstra (1840-1910, arbeider) en Mettje Jans Mulder (1837-1916). Het gezin Grupstra telde vier kinderen, waarvan Bruin, geboren op 21 november 1867 in Drachten (gemeente Smallingerland), het oudste kind was; hij groeide op met twee broers, Jan Grupstra (1869-1946), Mindert Grupstra (1873-1919), en zus Baukje Grupstra (1875-1944).

Bruin werd op 7 maart 1887 voor de militaire dienst gekeurd en ingedeeld bij het 2e Regiment Veldartillerie. Zijn standplaats was Den Haag. Het is dan ook goed voorstelbaar dat hij in die tijd Leiden meer dan eens bezocht en na zijn diensttijd de keuze maakte om zich hier te vestigen. Bruin, toen 23 jaar, trouwde in Leiden op 18 februari 1891 met Louisa Wilhelmina Catharina Wesselius, afkomstig uit Amsterdam.

Zij hebben zich eerst in Oegstgeest gevestigd, waar twee kinderen geboren zijn: Luitzen Bruin, 8 november 1891, en Hendricus Cornelis, 2 februari 1893. Toen daarna in 1897 op 24 september het derde kind, Mertina Catharina Louisa Grupstra, geboren werd, had het gezin zich reeds in Leiden gevestigd. Haar naam staat vermeld op de gevelsteen van Janvossensteeg No 35. Het vierde en laatste kind, Catharina Wilhelmina, werd op 8 juli 1899 geboren, maar overleed al kort daarna op 11 juli.
Deze gevelsteen met datering 23 maart 1900 vermeldt de leeftijd van Mertina, die toen ruim twee jaar oud was. Het Leidsch Dagblad meldde op 1 februari 1900 een ernstig brandgeval. Uit dit bericht is goed voorstelbaar hoe men destijds te werk ging:

...
Leidsch Dagblad, 1 februari 1900

Gelukkig hebben zich bij deze brand geen persoonlijke ongelukken voorgedaan en is de omvang beperkt gebleven tot dit ene perceel. Kort daarna, op 6 april 1900, heeft Bruin Grupstra de verzekeringsagent bedankt voor de zeer coulante en aangename wijze waarop de brandschade, op 1 februari door hem geleden, werd geregeld en betaald. Het gezin Bruins’ woonde er op dat moment, wellicht boven de zaak. Kennelijk werd de herbouw voortvarend opgepakt en heeft de eerstesteenlegging voor de winkel annex magazijn al op 23 maart kunnen plaatsvinden. In deze winkelstraat had Bruin Grupstra een zogenaamde ‘galanteriewinkel’, waar allerlei snuisterijen en huishoudelijke artikelen te koop waren.


LD 1902 4 okt. p. 4 Janvossensteeg 35

Naast deze nering had Bruin Grupstra nog een andere activiteit waaruit hij inkomsten genereerde, namelijk die van bouwondernemer. Het was in die periode vanaf de grenswijzigingen (per 1 augustus 1896) voor particulieren mogelijk om bouwplannen bij de gemeente in te dienen. Veelal kreeg men hiervoor goedkeuring, ook al verdienden deze plannen de naam “bouwplan” nauwelijks. Het ging meestal om slechts een blokje huizen in een straat. Van enige stedenbouwkundige planning was in die tijd nog geen sprake. Dat Bruin Grupstra van deze mogelijkheid meer dan eens gebruik heeft gemaakt, blijkt uit zijn verzoeken die in de Handelingen van de Raad zijn vastgelegd. Opmerkelijk is wel dat hij zijn enige initiaal (volgens zijn geboorteakte B van Bruin), uitbreidde met de letter L (van Luitzen, zijn vaders naam) en sindsdien zodoende met B.L. Grupstra door het leven ging. Dit was in Friesland niet ongebruikelijk. Waarom hij vaak een Umlaut op de u zette, is evenwel duister.


Handelingen van de Raad, 1902 13 nov. p. 6

Op 27 oktober 1900 had hij ook al toestemming gekregen voor het bouwen van huizen aan de Morschweg. Deze waren veertig vierkante meter groot en kwamen achter bestaande huizen in de nabijheid van de Johannalaan (hier is bedoeld: Johannastraat). En vervolgens werd gunstig op het verzoek van Grupstra beschikt om twee straten aan de Morschweg de namen te geven van Mertina- en Johannastraat. De tegenwoordige benamingen van deze straten zijn De la Reystraat respectievelijk Pretoriusstraat. Op 4 juni diende B.L. Grupstra een verzoek in om goedkeuring van een stratenplan voor het terrein aan de Oosterstraat, kadastraal bekend onder Sectie K. no. 1090. Overigens werden aan die verzoeken door de Commissie van Fabricage en het College voorwaarden verbonden, zoals het op hoogte laten brengen van het wegdek, zoals bijvoorbeeld gebeurde voor de Oosterstraat op 55 cm +NAP en het realiseren van de vereiste straatbreedte van 10 m voor de Bloemistenlaan. Kortom, het ondernemerschap zat Bruin in het bloed!

Zijn binding met de winkel in de Janvossensteeg 35 kreeg een wending toen bekend werd dat Dirk Nederlof of Nederloff, voorheen schipper, compagnon in de zaak geworden was. Met krantenadvertenties prees die op dezelfde manier zijn koopwaar aan als zijn voorganger Grupstra dit deed. Dirk Nederloff heeft de winkel in de Janvossenstraat 35 nog ca. 25 jaren lang bestierd en zelfs nog aan winkeluitbreiding aan de Haarlemmerstraat gedaan, waar voordien Grupstra gewoond en gehandeld had. Deze Sliedrechtenaar en zijn vrouw Tietske Bakker hadden acht kinderen en woonde vanaf 1903 in Janvossensteeg 35. In Haarlemmerstraat 171 werd in de dertiger jaren Radio Nederlof gehuisvest.

...
Handelswaar aangeprezen in Leidsch Dagblad op 31 okt. 1903 en 10 dec. 1904

Het was even stil, maar in 1906 liet B.L. Grupstra weer van zich spreken toen hij het winkelhuis pand nr. 170a aan de Haarlemmerstraat aankocht voor f 7000. Hij richtte dit pand in met hetzelfde assortiment koopwaar als waarmee hij in de Janvossensteeg had gehandeld en gaf het de naam Bazar “Centraal”. Merkwaardig is dan dat hij met een product als Guttalin schoenpoets adverteerde, maar hierop nog naar zijn oude adres in de Janvossensteeg verwees.


LD 1907 16 nov. p. 7

Er gingen weer een paar jaar voorbij en de handel in huizen leverde (als het goed is) rendement, zodat volgens een bestaande regeling de eigenaar van een huizenblok deze straten kosteloos aan de gemeente ter beschikking diende te stellen. Op deze wijze handelde Bruin Grupstra in het voorjaar van 1911. Er was voldaan aan de voorwaarden van goede conditie van de bestrating en riolering.


Handelingen van de Raad, 1911 13 april p. 1

In datzelfde jaar kreeg Bruin kennelijk genoeg van de winkel Haarlemmerstraat 170a en gooide alles in de opruiming. Kennelijk was compagnon Nederloff nog steeds geïnteresseerd en nam de zaak over. Niet lang daarna verhuisde hij met zijn gezin naar Plantsoen No. 65.


LD 1911 5 augustus p. 11

Zoon Luitzen Bruin Grupstra trouwde op 27 oktober 1915 in Leiden met Gabrielle Maria op de Beeck uit Mechelen. Binnen het huwelijk van Bruin met Louisa W.C. Wesselius waren ondertussen spanningen ontstaan en de echtscheiding volgde op 8 september 1916. Bruin woonde niet langer meer aan de Schelpenkade 45, maar vestigde zich in Oegstgeest aan de Bloemluststraat 29 (na de annexatie van 1 januari 1920 Morschweg 87 in Leiden).
Niet lang daarna volgde het huwelijk op 22 juli 1919 te Leiden van zijn dochter Mertina Catharina Louisa (Tine, 21 jaar) met Poulus Boet, schoolhoofd. Hun enige kind kregen zij op 9 augustus 1920, genaamd Poulus. Intussen was haar vader Bruin Grupstra (52 jaar) opnieuw een huwelijk aangegaan, nu met Catharina Wilhelmina Klazina Zaaijer (28 jaar), op 9 juni 1920 te ’s-Gravenhage. Hieruit werd een zoon Johannes Jacobus Bruin geboren. Dit huwelijk hield maar kort stand, want zes jaar later trouwde Bruin voor de derde keer, nu met Auguste Sprunken (30 jaar, afkomstig uit Issum bij Geldern), waaruit een dochter Auguste Clementine Brunhilde geboren werd. Zij zijn in Warmond gaan wonen en daar werkte hij zich zelfs op tot exploitant van een jachthaven. Nog steeds had hij bemoeienissen met huizen en straten in Leiden. In 1943 werden hele stukken van de Bloemistenlaan kosteloos aan de gemeente overgedaan. Op 29 april 1945 kwam op 77-jarige leeftijd een einde aan het leven van Bruin Grupstra.
De eerste vrouw van Bruin, Louisa Wilhelmina Catharina Wesselius, de moeder van Mertina (de eerstesteenlegster), stierf op 9 maart 1952. Zij werd op Rhijnhof begraven. In dit graf zijn jaren later ook Mertina en Poulus bijgezet. Met de vermelding van Mertina Catharina Louisa Grupstra op de eerste steen is Janvossensteeg No.35 vanaf heden gerelateerd aan het bijzondere ondernemerschap van Bruin (Luitzen) Grupstra.




Dit verhaal is opgesteld door de commissie Geveltekens van de Historische Vereniging Oud Leiden, auteur Thijs de Vries. Zie verder colofon
kaart