Verhaal: Een curieus klein (hoek)steentje
- Genealogie
- Leiden
- Geschiedenis 1701-1800
- Geschiedenis 1801-1900
- Gebouwen
Breestraat 19
In de brede gevel van Breestraat 19, met rechte getande kroonlijst, bevindt zich links beneden, net boven de plint, een klein gevelsteentje met als tekst: R:H:V: Kuffeler, 17 5/4 91. Het pand is gebouwd in de tweede helft van de 18e eeuw, waarvan het metselwerk van de gevel in 1791 is uitgevoerd in zogenaamd staand verband. Wie was deze Kuffeler?

GT_2197 - het kleine gevelsteentje
Er kan geen misverstand over bestaan dat met deze initialen René Henri van der MEER van KUFFELER wordt bedoeld, geboren op 5 september 1787 en gedoopt in de Waalse kerk (Église Wallone, destijds de Vrouwenkerk aan de Haarlemmerstraat). Na het overlijden van zijn kinderloze oom mr. Jacob van der Meer (junior), Heer van Hoogeveen, voegde hij de naam Van der Meer voor Van Kuffeler.
Hij was een zoon van mr. Pieter van Kuffeler en Elisabeth Cornelia van der Meer, die op 6 december 1784 in de Pieterskerk trouwden. Uit dit huwelijk werden drie kinderen geboren: Hillegonda Françoise Elisabeth, geboren 20 september 1785 en gedoopt in de Marekerk (maar vier maanden later overleden), op 5 september 1787 René Henri en op 20 december 1793 te Amsterdam Jacques Anne François, die in de Nieuwe Walenkerk aldaar gedoopt werd. Kennelijk heeft vader Van Kuffeler, zoals meer deftige lieden in die tijd, de overstap naar de Waalse Kerk gemaakt, mede om hun Frans te cultiveren.
Elisabeth Cornelia van der Meer woonde bij haar huwelijk nog in het ouderlijk huis op het toen nog Steenschuur genoemd adres, maar thans Rapenburg, met het huidige nummer 106.

Optekening van de ondertrouw, 18 november 1784
Haar vader was schatrijk en ook haar verdere familie was bepaald niet armlastig. Als een der erfgenamen van Andreas Cunaeus kocht Elisabeth Cornelia op 7 februari 1789 op een veiling diens huizen aan de Breestraat en in de Varkensteeg (thans Schoolsteeg) voor 18.000 gulden. De twee afzonderlijke huizen aan de Breestraat werden in 1791 verheeld en het huis van Mr. Pieter Frederik van Kuffeler kreeg een volledig nieuwe voorgevel, waarvoor de eerste steen dus gelegd werd door de vierjarige René Henri (volgens de gangbare notatie op 5 april, niet 4 mei).
Het pand Breestraat 19
Intermezzo:
In Bodemonderzoek in Leiden nr. 20 geeft Edwin Orsel een Algemeen overzicht van bakstenen en metselwerk in Leiden en signalering van zestiende- en zeventiende-eeuwse kenmerken, met als titel: “Rijswijkers in Leiden”. Hierin wordt een algemeen overzicht gegeven van de geschiedenis van bakstenen en metselwerk in
Leiden, in relatie tot het algemene beeld daarvan in Nederland. Halverwege deze publicatie is een tabel opgenomen met de datering van baksteenformaten door enkele eeuwen heen, toegepast op Leidse panden. Onderzoek naar formaatontwikkeling van baksteen in Leiden maakt deel uit van door de gemeente uitgevoerd bouwhistorisch onderzoek. De gevel van Breestraat 19 met het gevelsteentje van Van Kuffeler (daar pagina 15 afbeelding 14) is ook in dit onderzoek betrokken. Op basis van context, formaat, metselverband en toegepaste mortel kan de bouwhistoricus in Leiden metselwerk determineren en kan een indicatie van de leeftijd van het betreffende stuk muur worden gegeven. Uit recenter bouwhistorisch onderzoek valt te concluderen dat er tegelijkertijd verschillende formaten werden toegepast, wat het exact dateren op basis van baksteenformaten in Leiden tot een moeizame zaak maakt.
Waarom moeder Elisabeth Cornelia dit gebouwencomplex kocht en er meteen veel geld in investeerde, is niet duidelijk. Het was een pand voor de verhuur en bovendien vertrok het gezin al snel naar Amsterdam, zodat het al helemaal een beleggingspand werd. Van Kuffeler behield het tot 11 februari 1808 toen hij het voor 14.000 gulden verkocht, waarmee het verlies dus vierduizend gulden was plus alle verbouwingskosten. Maar de huizenprijzen daalden toen dramatisch, ondanks dat door de ramp met het kruitschip in 1807 veel deftige panden aan het Steenschuur en omgeving vernield waren en niet herbouwd werden.
Vader Pieter Frederik was onder meer ‘capiteijn’, de op één na hoogste functie bij de Leidse Schutterij. Om deze rang te kunnen bereiken moet hij wel een prinsgezinde kijk op de wereld gehad hebben.

Wapenschild van P.F. van Kuffeler, 1783, hout, collectie Lakenhal.
Zo werd hij in 1787 lid van de Vroedschap (vergelijkbaar met de Gemeenteraad) nadat de patriotten uit de Vroedschap verwijderd waren en in 1788 werd hij burgemeester. Namens de stad Leiden werd hij gecommitteerd als Raad ter Admiraliteit van Amsterdam van 1791 tot 1794, zodat hij gedwongen was in Amsterdam te gaan wonen. In 1794, nog voor de Bataafse Revolutie, deed hij afstand van al zijn ambten, en daarna hield hij zich stil - verhuisde in 1805 zelfs naar Gouda. Daarna wachtte hij denkelijk op de verdwijning van de Franse overheersing en zodra Willem I voor een (Oranje) omwenteling in 1813 zorgde, verscheen hij weer ten tonele: als vrederechter op het pluche in het kanton Gouda van 1814 tot zijn overlijden in 1839, en vanaf 1816 tot zijn dood lid van de Gemeenteraad. Zelfs werd hij lid van Provinciale Staten. Zijn vrouw Elisabeth Cornelia was al in 1822 in Gouda overleden.
René Henri werd leerling van de Latijnse school in Leiden op 30 augustus 1800 en op 13 september 1803 ingeschreven aan de Leidse Universiteit, al was het misschien helemaal niet de bedoeling dat hij ooit zou gaan studeren. Op 28 juni 1809 trouwde hij in Arnhem met Agneta Jeanetta Roukens, geboren te Nijmegen in 1784. Van 1809 tot 1811 woonden zij te Gouda, maar in 1812 werd hij benoemd tot maire (burgemeester) van Monster in het Westland. Hij bleef daar en bekleedde er tal van ambten: naast burgemeester ook secretaris, griffier van het kantongerecht Naaldwijk enz. Zijn vrouw overleed er op 9 mei 1815; uit dit huwelijk sproten geen kinderen. Op 7 oktober 1818 hertrouwde hij te Monster met Constantia Johanna Herckenrath, geboren te Monster op Kerstmis 1798 en Rooms-katholiek gedoopt. Zij zou het leven schenken aan tien kinderen, al overleden de meesten daarvan of al heel snel of zo rond hun twintigste levensjaar. Slechts twee dochters werden behoorlijk oud. Zoon Leon is de hoofdpersoon in het boek van Annejet van der Zijl, Fortuna’s kinderen. Een trans-Atlantische familiekroniek (Amsterdam 2021).
René Henri was 49 jaar toen hij overleed te Monster op 12 juli 1837; zijn weduwe zou hem overleven tot zij op 27 januari 1880 in Hilversum stierf. Voor de herinnering aan deze verdienstelijke persoon is dit bescheiden steentje, door hem op vierjarige leeftijd gelegd, een eeuwige erkentenis.
Dit verhaal is opgesteld door de commissie Geveltekens van de Historische Vereniging Oud Leiden, auteur Thijs de Vries. Zie verder colofon
GT_2197 - het kleine gevelsteentje
Er kan geen misverstand over bestaan dat met deze initialen René Henri van der MEER van KUFFELER wordt bedoeld, geboren op 5 september 1787 en gedoopt in de Waalse kerk (Église Wallone, destijds de Vrouwenkerk aan de Haarlemmerstraat). Na het overlijden van zijn kinderloze oom mr. Jacob van der Meer (junior), Heer van Hoogeveen, voegde hij de naam Van der Meer voor Van Kuffeler.
Hij was een zoon van mr. Pieter van Kuffeler en Elisabeth Cornelia van der Meer, die op 6 december 1784 in de Pieterskerk trouwden. Uit dit huwelijk werden drie kinderen geboren: Hillegonda Françoise Elisabeth, geboren 20 september 1785 en gedoopt in de Marekerk (maar vier maanden later overleden), op 5 september 1787 René Henri en op 20 december 1793 te Amsterdam Jacques Anne François, die in de Nieuwe Walenkerk aldaar gedoopt werd. Kennelijk heeft vader Van Kuffeler, zoals meer deftige lieden in die tijd, de overstap naar de Waalse Kerk gemaakt, mede om hun Frans te cultiveren.
Elisabeth Cornelia van der Meer woonde bij haar huwelijk nog in het ouderlijk huis op het toen nog Steenschuur genoemd adres, maar thans Rapenburg, met het huidige nummer 106.
Optekening van de ondertrouw, 18 november 1784
Haar vader was schatrijk en ook haar verdere familie was bepaald niet armlastig. Als een der erfgenamen van Andreas Cunaeus kocht Elisabeth Cornelia op 7 februari 1789 op een veiling diens huizen aan de Breestraat en in de Varkensteeg (thans Schoolsteeg) voor 18.000 gulden. De twee afzonderlijke huizen aan de Breestraat werden in 1791 verheeld en het huis van Mr. Pieter Frederik van Kuffeler kreeg een volledig nieuwe voorgevel, waarvoor de eerste steen dus gelegd werd door de vierjarige René Henri (volgens de gangbare notatie op 5 april, niet 4 mei).
Het pand Breestraat 19
Intermezzo:
In Bodemonderzoek in Leiden nr. 20 geeft Edwin Orsel een Algemeen overzicht van bakstenen en metselwerk in Leiden en signalering van zestiende- en zeventiende-eeuwse kenmerken, met als titel: “Rijswijkers in Leiden”. Hierin wordt een algemeen overzicht gegeven van de geschiedenis van bakstenen en metselwerk in
Leiden, in relatie tot het algemene beeld daarvan in Nederland. Halverwege deze publicatie is een tabel opgenomen met de datering van baksteenformaten door enkele eeuwen heen, toegepast op Leidse panden. Onderzoek naar formaatontwikkeling van baksteen in Leiden maakt deel uit van door de gemeente uitgevoerd bouwhistorisch onderzoek. De gevel van Breestraat 19 met het gevelsteentje van Van Kuffeler (daar pagina 15 afbeelding 14) is ook in dit onderzoek betrokken. Op basis van context, formaat, metselverband en toegepaste mortel kan de bouwhistoricus in Leiden metselwerk determineren en kan een indicatie van de leeftijd van het betreffende stuk muur worden gegeven. Uit recenter bouwhistorisch onderzoek valt te concluderen dat er tegelijkertijd verschillende formaten werden toegepast, wat het exact dateren op basis van baksteenformaten in Leiden tot een moeizame zaak maakt.
Waarom moeder Elisabeth Cornelia dit gebouwencomplex kocht en er meteen veel geld in investeerde, is niet duidelijk. Het was een pand voor de verhuur en bovendien vertrok het gezin al snel naar Amsterdam, zodat het al helemaal een beleggingspand werd. Van Kuffeler behield het tot 11 februari 1808 toen hij het voor 14.000 gulden verkocht, waarmee het verlies dus vierduizend gulden was plus alle verbouwingskosten. Maar de huizenprijzen daalden toen dramatisch, ondanks dat door de ramp met het kruitschip in 1807 veel deftige panden aan het Steenschuur en omgeving vernield waren en niet herbouwd werden.
Vader Pieter Frederik was onder meer ‘capiteijn’, de op één na hoogste functie bij de Leidse Schutterij. Om deze rang te kunnen bereiken moet hij wel een prinsgezinde kijk op de wereld gehad hebben.
Wapenschild van P.F. van Kuffeler, 1783, hout, collectie Lakenhal.
Zo werd hij in 1787 lid van de Vroedschap (vergelijkbaar met de Gemeenteraad) nadat de patriotten uit de Vroedschap verwijderd waren en in 1788 werd hij burgemeester. Namens de stad Leiden werd hij gecommitteerd als Raad ter Admiraliteit van Amsterdam van 1791 tot 1794, zodat hij gedwongen was in Amsterdam te gaan wonen. In 1794, nog voor de Bataafse Revolutie, deed hij afstand van al zijn ambten, en daarna hield hij zich stil - verhuisde in 1805 zelfs naar Gouda. Daarna wachtte hij denkelijk op de verdwijning van de Franse overheersing en zodra Willem I voor een (Oranje) omwenteling in 1813 zorgde, verscheen hij weer ten tonele: als vrederechter op het pluche in het kanton Gouda van 1814 tot zijn overlijden in 1839, en vanaf 1816 tot zijn dood lid van de Gemeenteraad. Zelfs werd hij lid van Provinciale Staten. Zijn vrouw Elisabeth Cornelia was al in 1822 in Gouda overleden.
René Henri werd leerling van de Latijnse school in Leiden op 30 augustus 1800 en op 13 september 1803 ingeschreven aan de Leidse Universiteit, al was het misschien helemaal niet de bedoeling dat hij ooit zou gaan studeren. Op 28 juni 1809 trouwde hij in Arnhem met Agneta Jeanetta Roukens, geboren te Nijmegen in 1784. Van 1809 tot 1811 woonden zij te Gouda, maar in 1812 werd hij benoemd tot maire (burgemeester) van Monster in het Westland. Hij bleef daar en bekleedde er tal van ambten: naast burgemeester ook secretaris, griffier van het kantongerecht Naaldwijk enz. Zijn vrouw overleed er op 9 mei 1815; uit dit huwelijk sproten geen kinderen. Op 7 oktober 1818 hertrouwde hij te Monster met Constantia Johanna Herckenrath, geboren te Monster op Kerstmis 1798 en Rooms-katholiek gedoopt. Zij zou het leven schenken aan tien kinderen, al overleden de meesten daarvan of al heel snel of zo rond hun twintigste levensjaar. Slechts twee dochters werden behoorlijk oud. Zoon Leon is de hoofdpersoon in het boek van Annejet van der Zijl, Fortuna’s kinderen. Een trans-Atlantische familiekroniek (Amsterdam 2021).
René Henri was 49 jaar toen hij overleed te Monster op 12 juli 1837; zijn weduwe zou hem overleven tot zij op 27 januari 1880 in Hilversum stierf. Voor de herinnering aan deze verdienstelijke persoon is dit bescheiden steentje, door hem op vierjarige leeftijd gelegd, een eeuwige erkentenis.
Dit verhaal is opgesteld door de commissie Geveltekens van de Historische Vereniging Oud Leiden, auteur Thijs de Vries. Zie verder colofon