Erfgoed Leiden en omstreken

Info

Verhaal: Plaquette Piet Paaltjens

  • Leiden
  • Geschiedenis 1701-1800
  • Geschiedenis 1801-1900
  • Geschiedenis 1951- heden
  • Gebouwen

Nieuwe Rijn 64 en Hogewoerd 63 Gevelteken


...............
GT_1208 Foto's: H. de Sterke

In Leiden zijn drie muurgedichten met teksten van Piet Paaltjens aangebracht: op de hoek van de Nieuwe Rijn en de Hooigracht(zie foto boven), bij Het Haagsche Schouw (Hotel Van der Valk, Leiden) en op het gebouw van LSV Minerva.

Immortelle IX is één van de 13 Immortellen (korte gedichten) uit de bundel Snikken en Grimlachjes van Piet Paaltjens, pseudoniem van François Haverschmidt (1835-1894). Hij studeerde theologie in Leiden en was daarna werkzaam als predikant. Zijn werk getuigt van zelfironie, humor en satire: hij was een romanticus maar zijn gedichten zijn in wezen zeer droevig. Haverschmidt leed aan depressies en pleegde tenslotte zelfmoord.
...............
GT_1215

Op de gevel van het pand Hogewoerd 63, op de hoek Koenesteeg bevindt zich een gevelsteen met de tekst: Piet Paaltjens 1852-1858.

Tevens staat er een bronzen beeld, vervaardigd door Auke Hettema (1927-2004 ), op de hoek Haagweg en Klikspaanweg.

In de bakstenen zijgevel van het 18e eeuwse pand aan de Nieuwe Rijn 64, bevindt zich een natuurstenen plaat met opschrift;

PIET PAALTJENS 1835-1894
IMMORTELLE IX
OP T HOEKJE VAN DE HOOIGRACHT
EN VAN DEN NIEUWEN RIJN
DAAR ZWOER HIJ DAT HIJ ZIJN LEVEN LANG
MIJN BOEZEMVRIEND ZOU ZIJN
AANGEBODEN DOOR
LEIDEN WEER GEZELLIG
EN L.ST.VER.MINERVA
14 FEBR. 1987

Deze plaquette werd aangeboden door de de stadspartij 'Leiden Weer Gezellig'en Studentenvereniging Minerva in februari 1987.

Piet Paaltjens was het pseudoniem van de dichter en predikant François Haverschmidt, geboren te Leeuwarden, 14 februari 1835, overleden te Schiedam, 19 januari 1894.
Haverschmidt kwam in 1852 in Leiden aan om theologie te gaan studeren. Hij woonde aan de Hogewoerd 63. Het vrolijke studentenleven beviel hem goed. Hij zat in de redactie van de studentenalmanak en declameerde eigen en andermans gedichten in de sociëteit.
Zijn bekendste bundel is Snikken en grimlachjes uit 1867 die een beeld geeft van zijn leven als student. Hij kon zich blijkbaar niet zo direct uiten in zijn gedichten dus gebruikte hij de figuur van Piet Paaltjens als alter ego, een dubbelganger die zich overgeeft aan het verlangen naar diepe vriendschap, oprechtheid, liefde en erotiek. Paaltjens wordt in deze bundel door middel van een mystificatie opgevoerd: de schrijver geeft in de inleiding een levensgeschiedenis van de student-dichter Paaltjens tot zijn verdwijning uit Leiden 'op den 9 oktober 1853'.
Haverschmidt bestreed in dit boekje zijn neiging tot depressiviteit door het sentimentalisme in zijn poëzie belachelijk te maken.

Haverschmidt vond het verschrikkelijk toen hij weg moest uit Leiden omdat hij afgestudeerd was. Hij schreef aan een vriend over zijn laatste avond in Leiden, toen hij alleen door Leiden ging dolen en langs al de huizen liep waar zijn vrienden woonden of gewoond hadden:

"Wat er in mijn hart omging? Ik kan het niemand zeggen. Ik gevoelde mij zo diep ongelukkig, dat het waarachtig was of mij het bonzend hart zou barsten in de boezem. Ik bad om tranen en ik kon niet wenen. Zie, ik had mij zo gans en al met ziel en lichaam verpand en verkocht en overgegeven aan het studentenleven en bovenal aan de vrienden die ik onder de studenten had gevonden, dat het voor mij was alsof ik moest sterven, neen, alsof ik levend zou moeten begraven worden, toen ik ook de laatste banden moest afsnijden, die mij hechtten aan mijn wereld."

Klik hier voor het kaartje met de locatie van het pand aan de Nieuwe Rijn.
Klik hier voor het kaartje met de locatie van het pand aan de Hogewoerd.

Opgesteld door de Werkgroep Geveltekens van de Historische Vereniging Oud Leiden, zie verder ons colofon.
kaart